Roken

Mijn stoppen-met-roken pogingen zijn altijd succesvol. Ik heb het nu drie keer gedaan en in totaal zal ik van alle jaren die zijn verstreken sinds ik begon, en dat zijn er nu 28, er tien niet gerookt hebben. Ik heb dus 18 jaar wel gerookt en dat klinkt als meer dan ik me kan voorstellen.

Nu ben ik drieënhalf gestopt maar mijn vrouw helaas niet. Ze kocht twee sloffen in Luxemburg en Luxemburg gaat haar niet helpen te stoppen. Ten eerste is een pakje er twee euro goedkoper en ten tweede zijn de plaatjes op de pakjes niet afschrikwekkend. Een naakte man die in foetushouding op bed ligt. Roken verhoogt het risico op impotentie, staat er. Nu moedigt ze mij aan om ook weer te gaan roken, dat lijkt haar heerlijk rustig.

Luik

Lamonzie-Montastruc, 19-7-2017

Vlak na Luik, op de E25 bij Tiff, zit een helling op de snelweg. Ik weet niet hoeveel het stijgingspercentage is, maar ik weet wel dat ik er in 1993 niet tegenop kwam. Het duurde een moment voor ik doorhad dat ik terug moest schakelen, want ik dacht dat mijn dertienhonderdje het begeven had.

Eenmaal in drie ging het weer gestaag omhoog en kon ik weer versnellen. Het moment is me altijd bijgebleven, niet in de laatste plaats doordat me op dat moment een Porsche 911 voorbij kwam stuiven die geen enkele moeite met de helling had.

Vaak heb ik de helling bij Tiff nog genomen, maar nog nooit ging ik er zo goed op als dit jaar. Mijn 210 pk sterke Laguna trok in zijn zesde versnelling tegen de helling op alsof die er niet was. Ik koos de meest linkerbaan en gaf nog wat gas bij, net als de donkerblauwe Porsche 24 jaar geleden.

Vakantiestress

Ik hoorde op de radio een interessante discussie over vakantiestress. Een hoogleraar emotionele nogwat, een psycholoog en onze vertrouwde professor Erik Scherder waren met elkaar in debat over wat er gebeurde met mensen als ze op vakantie waren. De bedoeling was eigenlijk dat ze het niet zo met elkaar eens waren, maar dat waren ze eigenlijk wel. De conclusie was dat op vakantie gaan stress oplevert.

Het grootste probleem daarbij was das als je naar een onbekende bestemming gaat, en je je voorbereidt, je weet wat er daar allemaal is te doen en je die dingen dus ook moet doen anders kijkt het thuisfront toch een beetje raar op. Stel je gaat naar New York en je bezoekt niet het vrijheidsbeeld. Of je gaat naar Australië, en je hebt niet gesnorkeld bij “the great barrier reef.” Je bent in Peru en je hebt Machu Picchu niet op de foto, dat kan toch niet?

Die mensen die bij De Vakantieman niet op de kaart kunnen aanwijzen waar ze zijn, hebben daar geen last van. Ze worden wel uitgelachen door ons soort mensen, maar hun vakantiestress is toch stukken lager. Volgens Eric Scherder moest je ook gewoon doorwerken in je vakantie.

Dat gaat me natuurlijk veel te ver. Vroeger had ik nog interessant werk, toen zou ik me daar iets meer bij kunnen voorstellen. Nu moet ik daar niet aan denken, hoewel mijn Franse leerboeken wel gewoon meegaan, want dat vind ik wel interessant. En verder beperk ik mijn vakantiestress door naar een bekend land te gaan, waar ik de taal begrijp, ik ga met de auto want daar begint het grote genieten, waar het mooi weer is en waar de omgeving mooi is. De Dordogne, deze keer. Mijn collega’s probeerden mijn vakantiestress al te vermeerderen door op te merken dat het een prachtige wijnstreek is. Nu moet ik op zoek naar de beste wijnen uit het gebied, een foto maken van de fles en die op FB plaatsen. En ik hou niet eens van wijn! Ja, wel van rode wijn, maar wat interesseert het mij nu waar die vandaan komt? De druk die alweer op mij ligt! Aargh!

Cheers

Afgezien van het feit dat je je leven niet onder controle kunt hebben, heb ik een periode meegemaakt waarin ik dat niet had. Ik heb het over mijn Havo tijd, 1985-1987. Het was een achtbaan waar ik niet in durfde, maar toch terecht gekomen was. Ik werd geconfronteerd met angsten die niet weggingen, die ik alleen met veel inspanning en hulp doorstond, en die me doodmoe maakten.

In deze hectische tijden waren er twee rustpuntjes. Het weekend en dinsdagavond, als Cheers werd uitgezonden door de NCRV. Dan liet ik mij meevoeren door de begintune die het eigenlijk allemaal samenvatte en de ellende even liet verdwijnen. Ik keek vanuit mijn bed en viel na afloop snel in slaap. Nog maar drie dagen tot aan het weekend.

Beukenoot

Nu zat ik gisteren bij de eindmusical van groep 8, mijn zoontje speelde mee als Barry Badjas, een gladjakker eerste klas, en ineens zag ik de basis die gelegd is op deze school. Ze stonden er met z’n allen op dat podium en niemand viel uit de toon. Het was een eenheid die er stond op te treden, inclusief de van de zijlijn coachende meester. Ik had het me lang niet gerealiseerd, maar hij is nu van de basisschool af. Hier zijn belangrijke dingen gebeurd die in zijn herinnering opgeslagen zullen worden.

Hij gaat naar een middelbare school waar veel van zijn klasgenoten heen gaan. De meester noemde bij elk kind de naam van de school waar het kind heen ging. Twee gingen er in hun eentje naar een nieuwe school. Eentje ging ver weg naar Arnhem om daar de dansacademie te kunnen volgen, en de ander ging in zijn eentje naar een school die een dorp verder ligt dan waar Hans heengaat. Ik heb geen idee waarom, maar ik vind het een beetje triest. Ik zie hem al half voor me, vijftien kilometer fietsend in zijn eentje, die eerste dagen. Ik hoop dat Hans later nog vrienden heeft van nu, iets dat ik door een verhuizing op mijn 13e mis. Ik werd weggerukt uit en gelukkige omgeving, en ik had het op dat moment niet door. Ik dacht dat het normaal was, en dat het gewoon verder zou gaan. En dat ging het ook, maar toch ook niet. Ik kwam op een vreemde school, waar ze een vreemd taaltje spraken, en waar ze zo gesloten waren als de bossen van de Veluwe. Ik veranderde, werd stiller, ingetogener, verlegener. En er gingen meer dingen mis, zoals mijn puberteit die laat op gang kwam, het verlies van mijn vader, en mijn talent tot mezelf terugtrekken groeide.

Ik merk het verschil in het Facebooktijdperk weer. Ik heb veel contacten van basisschool en de brugklas uit Brabant, en geen enkel contact van de middelbare scholen uit Vaassen en Apeldoorn. Mijn beste vriendje van vroeger, ik heb hem 35 jaar niet gezien, sprak mij vorige week op een avond aan omdat zijn vrouw bij hem wegging en vertelde mij het hoe en waarom. Kennelijk zitten er diepe banden in het verleden.

Ik weet nog dat ik twee rollen had op mijn eigen eindmusical. Ik was een minister in een pak en ik was en een conciërge met een stofjas. Ik weet nog de tekst van mijn rol als conciërge- het was maar één zinnetje- terwijl veel mensen zich niet eens kunnen herinneren of ze wel een eindmusical gespeeld hebben. Het is toch triest dat ik dat nog weet. Het heeft niet te maken met een goed geheugen, maar met het lang zijn blijven hangen in het verleden. Al zijn uw problemen nog zo groot, geen probleem voor Beukenoot.

De overschatte vrije meningsuiting.

Als er één recht is dat zwaar wordt overschat, is het wel het recht op vrije meningsuiting. Ik moet echt goed nadenken of ik er wel eens gebruik van heb gemaakt. Meestal is mijn mening toch een aaneenschakeling van feiten waarvan sommige geleerden denken dat ze kloppen. Dus om dat nu een mening te noemen…

Een mening heb je pas als je tegen onomstotelijke feiten ingaat. Zoals Trump, die heeft een hele sterke eigen mening. Maar wat ik veel belangrijker vind dan het recht op vrije meningsuiting is het recht om te liegen. Dat heb ik veel vaker nodig. Elke maandagochtend bijvoorbeeld. “Hoi, hoe was je weekend?” Het juiste antwoord daarop zou zijn: “Pleur op en laat me met rust.” Maar het mooie aan dit vrije land is dat ik gewoon zeg: “ja leuk, niks bijzonders gedaan hoor, gewoon thuis geweest.” Ik vraag bewust niet naar het weekend van een ander want ik hoef echt niet te horen dat ze vele leukere dingen hebben gedaan dan ik, en zeker niet op maandag. Ik moet er niet aan denken om in een dictatuur te wonen. Dat ze je vragen hoe je weekend was, en je moet zeggen: “Pleur op en laat me met rust!” Niemand zou me meer aardig vinden. In deze nepmaatschappij vinden ze me allemaal aardig omdat ik tegen ze mag liegen.

Als de bel gaat ’s avonds als ik op de bank hang. Tring! Als ik eerlijk was, haalde ik de trekker van een Magnum 44 over op dat moment, maar ik ben blij dat ik gewoon naar de deur kan lopen en kan zeggen: “Nou, daar heb ik niet zo’n interesse in”. Of: “Natuurlijk koop ik dat schilderij van je! Driehonderd euro maar,da’s geen geld! Is dat met of zonder lijst? Oh zonder, nee, geen probleem!”

Ik bedoel maar, het recht om niet de waarheid te hoeven vertellen is vele malen belangrijker dan het recht op vrije meningsuiting. Ik wens u allen een heerlijke nachtrust toe.

Denkend aan Holland

Er kan weer iets van mijn bucketlist af. Niet omdat ik het voltooid heb, ik heb zelfs geen bucketlist, maar er is één ding dat ik altijd nog een keer had willen doen: het overzwemmen van een van de grote rivieren. Rijn, Waal, Maas, Lek, IJssel, Merwede, of hoe ze ook mogen heten. Ik ben overigens van mening dat de Waal en de Maas de enige rivieren in Nederland zijn, waarbij aangetekend moet worden dat de Waal eigenlijk de Rijn is, dat Rijn in Nederland slechts drie kilometer lang is, en dat de Maas nimmer Rotterdam bereikt, een staaltje geografische oplichting van heb ik jou daar. En alle overige rivieren ontspringen uit de Maas en de Rijn die om onverklaarbare reden Waal wordt genoemd. Maar dit terzijde.

Het schijnt verboden en tevens levensgevaarlijk te zijn om een rivier over te zwemmen. In zee heb je vaak hetzelfde, met een afgezet stukje van 100 meter waar je onder toezicht mag zwemmen. Ik ben natuurlijk een verstandige man. Dus ik ga niet buiten dat stuk. Maar iets in mij schreeuwt dat ik erbuiten moet. En dat ik die rivier over moet zwemmen. Ik geloof niet in stroming. Nou ja, wel een beetje natuurlijk, maar niet in stromingen die je niet kunt zien. (een bosbrand verspreidde zich ondergronds, zeiden ze gisteren op het journaal) En wat dan nog, dan kom je niet helemaal uit op het punt waar je naar toe wilde, big deal.

Maar het argument van de boten die je niet kunnen zien vond ik wel valide. En dat ze niet kunnen remmen en je slecht weg kunt komen neem ik ook voor waar aan. En mijn kinderen mogen zeker niet deze regels in acht slaan. Ik wel natuurlijk, want ik ben supereigenwijs. Ik denk dat als er 100 mensen de Waal overzwemmen, er 97 de overkant bereiken, twee teruggaan, en één verdrinkt.

Het zal te maken hebben met een jeugdboek dat ik tien keer gelezen heb, het lied van de zeilschippers, daarin zwommen ze altijd de rivieren over. Mijn ouders zwommen in de Vecht, mijn vader moest in dienst de IJssel over met een man op zijn nek, maar tegenwoordig kunnen we helemaal niks meer. Is het de rubbertegelmaatschappij of zullen we dit maar heel serieus nemen? Dat laatste he?