Kater

Toen ik naar bed ging had ik het kunnen weten, maar toen ik wakker werd wist ik het, ik had een kater. Een ouder-kind tournooitje bij voetbal, waarin ik tegen mijn dochter moest, zij wonnen, ik scoorde tegen m’n keepstertje, en daarna waren het koude tapbiertjes de rest van de avond. Geen enkele keer bij nagedacht dat je af en toe een glas water moet drinken tussendoor, want er lijkt niets mis te gaan.

Toen ik mijn tong niet meer helemaal onder controle had bij het praten was het me duidelijk, ik had teveel op. En toen gingen er nog een paar in. Op de fiets naar huis fietste ik voorop en de rest van het gezin achter mij. Vooral mijn dochter was bezorgd en maande iedereen om te stoppen met tegen mij te praten omdat ik op de weg moest letten. Verstandig kind, ik heb het altijd al gezegd. Ik zwabberde een beetje, raakte met mijn trapper een stoeprand, miste een afslag en reed tegen onze poort aan. Daarna viel ik van mijn fiets.

Ik ben naar boven gegaan, heb me uitgekleed en ben in bed gaan liggen. Niet gedouched, geen tanden gepoetst, gewoon bam, stinkend je bed in. En toen ik wakker werd wist ik het. Ik had een kater. En een bloeddoorlopen oog. Maar ik ben er weer.

Operation purple bed

Al weken had ik het plan om het bed van mijn dochter een kleurtje te geven, maar daarvoor moest wel even een vrij weekend ingepland worden. Dat was dus dit weekend. Uiteraard heb ik last van mijn rug, dus dat drukte de pret. Ze wilde lichtblauw, maar na lichte overredingspogingen wilde ze paars, overeenkomend met haar paarse zonwering.

Ik dacht even een potje paars te halen, maar zo makkelijk ging dat nog niet. Er bestaan 400 soorten paars, en dus kreeg ik een waaier mee om de kleur te bepalen. Dat viel nog helemaal niet mee in het donker. Een kwartier later stond ik weer in de winkel met de juiste kleur paars. Ze begonnen over gronden, maar daar stak ik even een stokje voor. Dan zou het bed uit elkaar moeten, daar had ik geen zin in. Het is een kinderbed, geen showroomdeur. Ik heb laatst nachtkastjes geverfd, zonder schuren, dat ging ook prima, dus dit bed was al bevoorrecht dat ik hem ontvette en schuurde.

Nu is hij paars en staat hij te drogen. Het was maar goed dat ik er een groot zeil onderdoor getrokken had, want de verf viel natuurlijk om. (nieuwe vloerbedekking) En het bad en de wastafel zijn ook paars geworden, dat is minder. Morgen bij daglicht zie ik natuurlijk nog meer paarse ellende, maar dat zien we morgen dan wel weer. (Tita Tovenaar)
purple-bed

 

Dat ik moet spugen

Naast mij ligt Tammar. Ze vroeg of ik alsjeblieft naar bed kwam want ze is ziek. Vanochtend ziek opgestaan; ze moest twee wedstrijden achter elkaar spelen en wij wisten niet of ze veinsde. Voor de zekerheid hebben we haar maar thuis gehouden met haar “gevoel dat ik moet spugen.” 

Maar ze veinst niet, er zit de hele dag al geen beweging in haar, ze wil geen tv kijken of computeren, alleen maar op de bank liggen. Precies op het moment dat ik lichte rugpijn heb en mevrouw Mack een weekendje weg is. Ik wilde vanavond nog een logje schrijven maar ik hoorde haar roepen, tenminste, na drie keer, en ik spoedde mij naar boven. Of ik dan alsjeblieft kwam slapen en ja, hoe zou je dat kunnen weigeren. Dan maar geen logje. Of eentje op de telefoon geschreven, want dat kan natuurlijk ook. Waarvan akte. 

Het gevoel dat ze moest spugen bleek een goed gevoel. En ze heeft het weer. Ik hoop toch dat ze een beetje slaapt vannacht. En ik ook. Truste. 

Jongen-meisje

Ik zat gisteren nog de ongein te lezen die ik schreef voordat Tammar geboren werd. Dat ze een jongen moest worden omdat ik eenmaal geen idee had wat ik met een meisje aanmoest. En dat toen bekend was dat ze een meisje was, ik klaagde dat mevrouw Mack zich niet aan de afspraak hield; ze zou zes zonen voor mij baren. Het was allemaal net wat minder, een meisje.

Grote onzin natuurlijk, dat wist ik toen ook al, alleen toen schreef ik die onzin nog op. Inmiddels zou ik dat zelfs niet meer doen. Want een meisje is minimaal zo leuk als een jongen, en als je een jongen en een meisje hebt is het helemaal feest. Ik ben tenminste erg gek op mijn meisje en dat is nooit anders geweest.

Maar nu moet ik wel zeggen dat mijn meisje een prachtige meid om te zien is, maar verder is ze gewoon een jongen. Ze voetbalt, ze judoot, en ze speelt evenveel met vriendjes als met vriendinnetjes. En ze vraagt voor Sinterklaas gewoon een op afstandbestuurbare auto. Die kreeg ze dan ook, mijn jongen-meisje.
radiogr

Klepper

De huidige tijd en ik, het blijft een wat moeizame combinatie. Aan de andere kant ben ik wel blij te zien dat mijn kinderen er wel goed in lijken te passen. Ze doen aan sport, maar vermaken zich ook veel met smartphone, laptop of tablet. De fantasie van mijn generatie leek toch wat groter, al is dat een gevaarlijke uitspraak. Maar wij bouwden hutten, we achtervolgden elkaar op onze fietsen, we speelden soldaatje, we maakten kleppers, en we imponeerden de meisjes of dachten dat tenminste.

Mijn kinderen lijken alleen te voetballen. Hun fiets is een vervoermiddel. Tot mijn vreugde speelden ze gisteren in de kamer met een meisje van bijna drie. Ze verstopten zich achter de gordijnen en onder de tafel. Magische plekken voor een kind. Bij mijn oma zat ik ook vaak achter de gordijnen. Van die stevige gele gordijnen had ze. En bij ons thuis kroop ik onder de salontafel. Een vierkante houten tafel, met in het midden een schot waar je maar net onderdoor kon.

Mijn kinderen lijken volwassener dan ik. Ze hebben ook al huiswerk. Een boekbespreking heeft mijn dochtertje van acht vandaag. Misschien worden ze klaargestoomd voor de beste banen, ik weet het niet. Ze moeten straks hun mannetje kunnen staan en het is fijn dat de school mij deze zorg deels uit handen neemt. Maar ik moet toch snel eens een klepper voor ze maken, want met een klepper voelde ik mij coureur. Hoe dikker het karton, hoe beter. Ik klepte door de straat, alleen of met mijn medekleppers.

Maar ik vrees dat Hans dat al te kinderachtig vindt, een klepper. Hij is natuurlijk ook al elf, maar ik had zeker tot mijn zeventiende een klepper, en later zelfs een zestienklepper. De onderlinge verhoudingen liggen ook heel anders. Mijn ouders waren ouders en wij waren kinderen, dat waren grotendeels gescheiden werelden. Mijn kinderen en ik leven in dezelfde wereld. Soms moet ik even optreden, maar meestal zoek ik in de krochten van mijn geheugen naar hun schoenen, die ik ooit zelf aan had en probeer ze overbodig klein leed te besparen.

 

 

She drives me crazy

Mijn dochtertje van acht krijgt huiswerk. Daarvoor moest ze leren wat een legenda is. Het woord stond haar al tegen dus wist ze het niet. Ik liet haar de definitie opschrijven en voorlezen. Daarna liet ik haar het papiertje omdraaien en herhalen wat ze had gezegd. Niet één woord herinnerde ze zich van wat ze vijf seconden geleden nog had voorgelezen.

Hetzelfde probleem hadden we een paar dagen geleden. Ze moest leren wat honderdtallen waren. Dus ik vraag bijvoorbeeld hoeveel honderdtallen er in 812 zitten, en dan is het de bedoeling dat zij acht zegt. Ze wist het niet en ging zitten rekenen. Ik vroeg haar mij het eerste getal na te zeggen wat ik opnoemde. Dus 538 moet vijf zijn, en 228 twee. Maar ze ging weer zitten nadenken. Tot grote ergenis van mij uiteraard. Ik kreeg niet gedaan wat ik wilde.

Maar vanochtend boekte ik een belangrijke overwinning. Ze zou gaan spelen bij haar nichtje, maar ik zei dat ik het af ging bellen omdat ze haar best niet op haar huiswerk deed, en ik pakte mijn telefoon. Toen sloeg de paniek toe en huilend zei ze ineens de definitie van de legenda op. Waarom ze het nu ineens wel kon, wilde ik weten? Omdat ze geen zin in leren had, was haar antwoord. Ik heb ook nog even de honderdtallen er tegenaan gegooid, en na een tip van Hans, exact dezelfde die ik haar twee dagen geleden gaf,  ging dat ineens ook feilloos.

Er waren harde dwangmiddelen en ondervragingstechnieken voor nodig, maar uiteindelijk zwichtte ze. Verder is ze “me liefie” maar ze drijft me tot wanhoop.

Het nest waarin je wordt geboren.

We hadden gisteren een feestje, en dat hebben wij niet zo vaak. De afgelopen twee keer hadden we het al laten varen wegens redenen die ik niet meer weet. Het beloofde dus laat te worden, en dat werd het. Een uur of drie eer we in bed lagen. Niet schokkend, maar wel als je er vroeg uit moet voor het voetbal van je kinderen. Nu hoefde ik dat niet, maar mevrouw Mack wel. Half zeven ging haar wekker om met mijn dochtertje mee te gaan. Hans redt zich inmiddels wel, en moest thuis spelen, dus ik hoefde niet mee.

Om één of andere reden wordt er dan er dan na het feestje toch op mijn gemoed gespeeld door mevrouw Mack, Hans had gevraagd of er nog iemand kwam kijken, en dat ze ontkennend geantwoord had, en dat Hans daar verder niet over gezeurd had, maar toch…Ik voelde de hint. Ik stond acht uur op, liet de hond uit en begaf mij op de fiets naar het veld, want ik moet nog stomdronken zijn geweest. De wedstrijd was tien minuten bezig toen ik aankwam, en ze stonden 0-1 achter. Hans zag me en zwaaide, en ik had mijn goede daad weer verricht.

Ik ging naast een moeder staan die al constateerde dat er weinig ouders van het thuisteam waren. De uitploeg was wel met een paar bussen uitgerukt. Op een gegeven moment (en un momento dado) komt er een te dik jongetje aanlopen dat het buurjongetje was van de moeder waar ik bij stond. Het jongetje moest pas om 11 uur voetballen, maar was er nu al. De moeder zei tegen me dat ze hem zo zielig vond, want zijn ouders kwamen nooit kijken, hij was komen lopen want zijn fiets was kapot, en kennelijk hebben zijn ouders hem ook niet goed de tijd doorgegeven waarop hij moest voetballen. Ik begreep haar gevoel wel.

Ik geloof dat mijn ouders vroeger één of twee keer zijn komen kijken naar een wedstrijd, en ik vond dat geen enkel probleem. Ik was allang blij dat ik op voetbal mocht. Maar mijn fiets was in orde en ik wist hoelaat ik moest. Hans verloor met 1-2. Maar dat deed er niet toe. Ook al was het onder druk van mevrouw Mack, ik was aanwezig en was daar dankbaar voor.